Jan en Willy al 54 jaar thuis bij ‘t Bacchuscorps | De Meierij Boxtel
Logo demeierijboxtel.nl
Willy en Jan zijn al 54 lid van het Bacchuscorps en peinzen er niet over te stoppen. Foto: Wendy van Lijssel
Willy en Jan zijn al 54 lid van het Bacchuscorps en peinzen er niet over te stoppen. Foto: Wendy van Lijssel (Foto: Wendy van Lijssel)

Jan en Willy al 54 jaar thuis bij ‘t Bacchuscorps

“Met carnaval vieren lijdt je niets.” Dat claimen de 80-jarige Jan van Schijndel uit Esch en 74-jarige Willy van Roosmalen uit Boxtel. Beide heren zijn het levende bewijs. Ze zijn al vanaf de dag van oprichting aangesloten bij het Bacchuscorps in Esch. Een carnavalsvereniging die onlangs 54 jaar bestond en met 35 leden, waaronder genoemden, nog steeds gezond en vitaal is. Er wordt nu al reikhalzend uitgekeken naar de 55-jarige jubileumviering volgend jaar want met het schrappen van het carnavalsfeest zoals gebruikelijk wordt uiteindelijk meer geleden dan vooroplopen in de polonaise met een biertje.

ESCH – In januari 1967 besloot een vriendengroep van circa 15 mannen om een wagen te bouwen voor deelname aan de allereerste carnavalsoptocht in Esch. Ze vernoemden zich naar een bij opgravingen in Esch gevonden beeldje van de god Bacchus. Deze wordt in de Romeinse godsdienst samengevat omschreven als de god van de wijn, de roes, het plezier en het dronkenschap. Treffender kon het derhalve niet. Het hoeft namelijk geen betoog dat de vrienden ook graag met carnaval meerdere biertjes dronken. Jan van Schijndel en Willy van Roosmalen sloten zich aan. Met plezier wordt teruggeblikt. “De eerste twee jaar waren we vooral met vrijgezelle Esschenaren. We troffen elkaar bij Thé Kurstjens van Het Trefpunt. Dat was destijds een kruidenierswinkeltje en het had een klein barretje. Hij was het ook die ons verzocht om mee te doen”, vertellen Jan en Willy.

DE GOD BACCHUS

Carnaval in Esch stond nog in de kinderschoenen. Dat eerste jaar was er nog geen raad van elf of een prins. In de Essche carnavals geschiedenisboeken staat Adri Doggen dan ook betiteld als een ‘vurloper’. “In Boxtel werd al georganiseerd carnaval gevierd. Hij stelde voor om ook in Esch carnaval te vieren. Wij ‘verteerden’ goed (lees, de heren dronken veel bier red.) dus Thé Kurstjens van Het Trefpunt had er wel oren naar. Zo is het balletje toen gaan rollen”, weten Jan en Willy. Van een Amerikaanse ‘slee’ werd een ‘pliesie’wagen gemaakt en doorsnee fietsen werden verlengd en opgetuigd. De club was nog ‘nat achter de oren’ en slechts een paar weken oud toen er bij die eerste optocht al een eerste prijs werd gehaald. De eerste in een hele lange rij.

Al snel na oprichting sloten zich ook dames aan. “Die eerste jaren zagen we elkaar niet in clubverband, maar alleen rondom carnaval, als we gingen bouwen. We hebben altijd zelf wagens gebouwd. In overleg besloten we wat we gingen maken. We hebben heel lang zonder tekening gebouwd. Dat hoefde ook niet. Er waren allemaal handige ambachtsmannen aangesloten. We konden eigenlijk alles zelf. Dat deden we onder het genot van een biertje. Op woensdag na carnaval ruimden we alles op. Ook het restant bier. Dat doen we nog steeds zo” De mannen lachen: “Je moet zorgen dat de kosten van het bier hoger zijn dan die van het bouwen. Dan heb je het goed gedaan”, om te constateren. “Daar hebben wij altijd aan voldaan.”

MANNEKE PIS

Het bouwen gebeurde van wat ‘bij elkaar gescharreld werd’, contributie en enige tijd was er ‘Manneke Pis’ die zorgde dat de kassa rammelde. Met pretoogjes wordt verteld: “We hadden allemaal een klein beeldje van Manneke Pis. Dat moesten we het hele jaar bijhebben als we Het Trefpunt bezochten. Als je het niet bijhad, kreeg je 0,25 ct. (een kwartje red.) boete. Het leverde gelijk het eerste jaar al 160 gulden extra op.”

ACTIVITEITEN

Het Bacchuscorps bewoog mee met de tijd. Leden trouwden, kregen kinderen, er kwam en verdween een drumband en later waren er de Bacchusbloazers. Bij gebrek aan voldoende muzikanten verdween ook laatstgenoemde. Op enig moment werden er ook buiten carnaval activiteiten voor leden en andere voor de gemeenschap en daarbuiten georganiseerd. Na twee rommelmarkten werd overgestapt op kofferbaksales.

Ook werd ter gelegenheid van het 44-jarige bestaan een zeepkistenrace gehouden en voor het eerst een tonproatersavond met ervaren bekende buutreders georganiseerd. Het was een dusdanig succes, dat het vanaf dat moment elk jaar op de agenda staat. Ook de fietstocht met Koningsdag die om te beginnen in elkaar werd gezet voor de club werd later omgebogen in eentje waar iedereen bij aan kon sluiten.

CARNAVAL VIEREN

Hoewel Jan en Willy beiden 54 jaar lidmaatschap op de teller hebben staan is hun enthousiasme nog net zo groot als toen zij zich 54 jaar geleden aansloten. Ze peinzen er niet over om te stoppen. Volgens eigen zeggen omdat de club in de basis niet veranderde. “Het is een fijne club waar wij ons nog steeds thuis voelen. Iedereen kan het goed vinden met elkaar. Er wordt niets opgelegd en het staat je vrij om je steentje bij te dragen”, stellen ze. Dat doen de mannen dan ook nog steeds.

VOLGEND JAAR

Vanwege het coronavirus kon dat afgelopen jaar niet. Willy en Jan: “De aanloop naar carnaval met bouwen en de voorpret die we dan hebben is een belangrijk onderdeel. Wij hebben daar overdag tijd voor. Die hadden we nu over”, om te besluiten: “Met carnaval vieren lijdt je niets. Volgend jaar bestaan we 55 jaar. Dat gaan we gewoon met zijn allen weer stevig vieren.”

Meer berichten